Ingrediënten 12 stuks:
Voor het deeg
- 400 gr bloem
- 8 gr zout
- 7 gr gedroogde gist
- 240 ml melk, lauwwarm
- 60 gr boter, op kamertemperatuur
- 1 ei, op kamertemperatuur
- 15 gr suiker
Voor de afwerking
- 500 gr donkerbruine basterdsuiker
- 1 el kaneelpoeder
Bereiding:
- Kneed alle grondstoffen behalve de suiker en kaneel tot een mooi deeg.
- Laat het deeg 10 minuten rusten en verdeel het daarna in bolletjes van 45 gram.
- De bolletjes 5 minuten laten rijzen en in meerdere stappen rollen tot pillen van 35 cm lang. Bij elke stap de pillen door de suiker en kaneel rollen (6 gram kaneel per kg suiker).
- De sliert losjes in een spiraal draaien (eerst één uiteinde op de werktafel vastdrukken) en het uiteinde in de onderkant van de bolus vastmaken.
- Haal de bolussen opnieuw door het suiker/kaneel mengsel en zet ze op papier op de bakplaat.
- 60 minuten narijzen (zonder stoom)
- Bakken: 6-8 minuten op 240 ºC.
- Na het bakken even omdraaien!
Zo blijven Zeeuwse bolussen het lekkerst (zacht/kleverig) en niet taai:
1) Voor 1–2 dagen (beste smaak)
- Laat ze helemaal afkoelen.
- Bewaar ze luchtdicht: trommel of ziplock.
- Leg er een stukje bakpapier tussen als ze aan elkaar plakken.
- Niet in de koelkast (dan drogen ze sneller uit/worden taai).
2) Langer bewaren (invriezen)
- Laat afkoelen → per stuk in bakpapier/folie → in ziplock of bakje.
- In de vriezer: tot ± 2–3 maanden prima.
Ontdooien / weer lekker maken
- 30–60 min op kamertemp (in verpakking).
- Wil je ze weer “vers”: 5–8 min op 160–170°C oven óf heel kort in de magnetron (10–15 sec) en dan meteen eten.
Extra tip
Als ze al wat taai zijn: 10 sec magnetron of paar minuten oven maakt ze weer zacht.